za. apr 18th, 2026

Wij mensen staan niet boven de natuur. Er is niets dat ons verhevener maakt.

Dieren hebben taal: vogels en bijen, vleermuizen en bultrugwalvissen, meerkatten en baardagamen. Dieren bezitten nieuwsgierigheid, imitatievermogen, aandacht, geheugen, verbeelding en redenatievermogen.

Dieren gebruiken gereedschap: de orang-oetan, de dolfijn, de octopus, de mier, er zijn eindeloos veel voorbeelden van dieren die voorwerpen uit hun omgeving gebruiken om hun doelen te bereiken en daarmee hun leven te verbeteren. Kraaien gooien walnoten op de rijweg, opdat deze stukgereden worden en ze de inhoud kunnen eten – ze wachten zelfs tot het stoplicht op rood staat om hun voedsel veilig te kunnen pakken. Een gorilla breekt een tak af en gebruikt de stok om de diepte van het water te peilen. Een spitssnuitdolfijn steekt als een beschermende werkhandschoen een spons aan zijn bek om zijn tere snuit te beschermen als hij de bodem afstruint.

Dieren hebben een zelfbewustzijn. Zoals een kleuter zijn eigen gezicht herkent in de spiegel, zo herkent een hond zijn eigen geur en kan deze onderscheiden van de geur van elke andere hond.

Een mug heeft hersenen, minuscuul, maar qua functioneren vergelijkbaar met de middenhersenen van de mens. Als je een mug opjaagt, voelt hij angst. Als je hem plet, voelt hij pijn. Hij heeft een klein kloppend hart dat zijn lichaamsvloeistof heen en weer stuwt.

De mens is een arrogante aap.

Hij deelt 98% tot 99% van zijn DNA met de chimpansee,  80% van zijn DNA deelt hij met de muis en de kameel, 60% met het fruitvliegje en de hagedis, 50% met de komkommer en de banaan.

We zijn innig verstrengeld met al het leven op onze aarde.

Waarom staan we dan zo verdomde vijandig tegenover de natuur?

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *