Ik vind intelligentie een belangrijke eigenschap. Niet zozeer in verband met een hoge scholing of een grootse eruditie, maar wel in verband met eigenschappen als oorspronkelijkheid, humor en medemenselijkheid, de eigenschappen dus die iemand aangenaam gezelschap maken en de kans vergroten dat de persoon in kwestie een ethiek volgt die anderen niet beschadigt, eigenschappen die naar mijn ervaring vaker in intelligente mensen worden aangetroffen dan in stupide mensen.
De tweede en derde vraag van de Proust-vragenlijst vragen naar je favoriete eigenschap in een man en in een vrouw. Zo apart gezet naar geslacht leiden de vragen bij mij onmiddellijk tot antwoorden als : ‘een man moet kunnen strijden en onvatbaar zijn voor verdriet’ en ‘een vrouw moet kunnen koken en schoonmaken’. Vandaar dat ik ze maar samengevoegd heb.
